COLUMN Tegenstroom | Laat me nu toch niet alleen

Tegenstroom Varia

Al lang trekken we ons op aan de kleine dingen. De details zeg maar, want de rest is toch kommer en kwel. Of corona, altijd weer corona. Of Trump, of Biden. Of om het mopje te maken: beiden. Een wandeling biedt tintelingen van vreugde, een boek helpt om de geest te verruimen, de glasbol zit vol met de flessen wijn die we deze week weer soldaat hebben gemaakt. Een buurvrouw zwaait van in haar achtertuin die grenst aan de onze. Haar prei is nog uittrekbaar, ook al vriest het voor het eerst deze winter meer dan twee nachten na elkaar.

Tussen de vele berichten door of een vaccinatiecentrum hier, een woon-zorgcentrum daar, de plaatselijke Jos die wordt ingeënt, een Gouden Schoen die wordt weggeschonken, toch ook een klein gelukje over Justine Bourgeus in de nationale krant. Wie? Jawel, Justine Bourgeus, ofte Tsar B, of in een ander verleden de violiste bij School is Cool. Voor velen een notoire onbekende dus. Ik diende het ook eerst even op te zoeken alvorens het hier neer te schrijven.

Er is niks mis met me, zoals met de zanger van Red Zebra in zijn living room, of zoals met de doden die op de tafel van Joke Emmers kwamen Leef. Daar is het wel dat ik de naam Justine Borgeus voor het eerst tegenkwam. Corona zette alles op de kop. Ook de manier van series inblikken. Maar filmmakers en andere regisseurs kregen de kans van de nationale omroep om hun talenten te tonen in vier afleveringen. En in de tweede week met Leef, van Leen Vandereyken, met Lenny Van Wesemael aan de knoppen, vond ik dat alvast geslaagd.

Daarbovenop komt dat ik wel hou van bewerkingen van muziek, van covers, vertalingen, eigen interpretaties. En dat is net wat Justine Borgeus deed met Laat me nu toch niet alleen van Johan Verminnen, er een eigen schwung aan geven. Samen met de makers, want het lied wordt als single uitgebracht. Het origineel is niet langer herkenbaar, ook al doet het een belletje rinkelen. De versie van Clouseau ligt mijlenver van dit eigentijds streepje. Het doet wat denken aan Eefje De Visser. Aan een land vol muziek en vol dromen. Waar geen muren rond de horeca staan, waar dansvloeren onveilig konden gemaakt worden en theaterzalen tot de nok gevuld. Aan hoe het was. En het was ferm.

Zoiets brengt mij dan in vervoering, meer nog dan andere nummers van gevestigde waarden. Van iets wat erfgoed is iets gloednieuw maken. En geen Like Me-toestanden in deze. Of Regi-gedreun. Gewoon uitgepuurd, een zwoele melodie eronder. Mij deed het een beetje zweven en meezweven met Joke Emmers die als Anja tussen haar doden een knappe eerste hoofdrol op tv neerzette. Maar vooral: ons deed inzien dat als we praten tegen doden, we echt wel eenzaam zijn. Het mag met andere woorden een stevige boodschap zijn dat ‘laat me nu toch niet alleen’. Ook al zitten straks al meer dan een jaar in ons kot en is videobellen gewoon larie en apekool. Konden we maar heel even terug in jouw wolken van voor corona wonen.

Ik nodig u uit te luisteren naar Justine Borgeus: dat kan hier.

Foto (c) Pexels.